Onderzoek

Extern onderzoek

De COGEM laat extern onderzoek verrichten ter ondersteuning van haar adviserende en signalerende taken. De onderzoeksprojecten zijn met name gericht op het monitoren en in kaart brengen van nieuwe wetenschappelijke en maatschappelijke ontwikkelingen rond biotechnologie, en het versterken van de systematiek van de milieurisicobeoordeling.

In 2025 zijn verschillende onderzoeksprojecten opgestart of uitgevoerd. Van twee van deze projecten zijn de resultaten gepubliceerd in het afgelopen jaar. Daarnaast zijn een aantal projecten afgerond, maar nog niet gepubliceerd.

Grijze gebieden in de regulering van groene en rode biotechnologie. Naar veerkrachtige regelgeving voor snelle technologische veranderingen (CGM 2025-01)

De COGEM heeft meermaals vastgesteld dat de geldende regelgeving achterhaald is en niet meer aansluit bij de wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen. In opdracht van de COGEM is daarom door de Erasmus School of Law onderzocht welke bouwstenen ons rechtssysteem biedt om veerkrachtig om te gaan met de snel veranderende technologische en wetenschappelijke realiteit. Het resulterende onderzoeksrapport biedt op meerdere punten input voor het overheidsbeleid op het gebied van biotechnologie. Zo bevat het een tabel met een overzicht van bouwstenen met hun voor- en nadelen bij de ontwikkeling van nieuwe regelgeving voor concrete voorliggende kwesties die kan helpen om een meer afgewogen keuze te maken voor een bepaald type regelgeving.

Omdat de resultaten van het onderzoek ook van belang zijn voor de discussie in de EU over aanpassing van de ggo-regelgeving, heeft de COGEM het rapport in zijn geheel in het Engels laten vertalen.

Introgression from cultivated plants into their wild relatives. (CGM 2025-02)

Uitkruising van genetisch gemodificeerde (gg-)planten naar wilde verwanten, en daarmee de verspreiding van transgenen in de natuur, is een van de belangrijkste elementen in de milieurisicobeoordeling van experimenten met gg-planten en -gewassen. Met de mogelijke introductie van gewassen die zijn ontwikkeld met nieuwe genomische technieken (NGT) in het milieu, is het daarom van belang om te onderzoeken of zulke introgressie van cultuurplanten naar wilde verwanten plaatsvindt, hoe dit kan worden gedetecteerd, welke factoren hieraan bijdragen, op welke schaal dit gebeurt en wat de mogelijke consequenties zijn voor wilde populaties. Om hierover meer inzicht te krijgen heeft het ‘French National Institute for Sustainable Development’(IRD) te Montpellier, in opdracht van de COGEM literatuuronderzoek uitgevoerd.

Het rapport concludeert dat introgressie naar wilde verwanten wijdverbreid voorkomt, dat introgressie van gewassen naar wilde verwanten vrijwel onmogelijk te voorkomen is en dat de consequenties daarvan onvoorspelbaar zijn.

De bevindingen ondersteunen de huidige milieurisicobeoordeling, waarin introgressie tussen een landbouwgewas en een verwante soort wordt meegenomen. Aanpassing van de beoordeling is daarom niet noodzakelijk. Wel benadrukt deze studie het belang om ook introgressie in verre verwanten mee te nemen in de milieurisicobeoordeling.

Andere afgeronde onderzoeksprojecten in 2025

Een viertal onderzoeksprojecten is in 2025 afgerond, maar waarvan de rapporten nog niet door de COGEM zijn gepubliceerd. Deze projecten betreffen een taxonomische update van de COGEM-pathogeniteitslijsten van schimmelsoorten, een inventarisatie van de soorten voermijten aanwezig in biologische bestrijdingsproducten die in ggo-kassen worden ingezet, een onderzoek om inzicht te krijgen in de problematiek van verontreinigde of foutief geïdentificeerde of gecontamineerde cellijnen in Nederland, en een gezamenlijk project met het CCMO waarin verkend is of onbedoelde kiembaanmodificatie bij nieuwe gentherapieën zou kunnen optreden. De rapporten zullen, voorzien van een analyse van de COGEM, begin 2026 gepubliceerd worden.